Engelen in IndiŽ

Overal zijn Engelen, als je er oog voor hebt.

Hier gaat het om de familie Engel-Schut in voormalig Nederlands IndiŽ.

Mijn moeder Thea Engel kwam in 1928 in Padang op Sumatra ter wereld.
Haar vader, Ceciel Willy geheten, maar door iedereen "Tieng" genoemd, werkte daar voor een handelmaatschappij de gebr. Veth. Hij was in Banjoemas op Java geboren, in IndiŽ net als zijn en diens vader en moeder. Die families leefden al generaties in IndiŽ. Mijn opa kocht koffiebonen op, die de lokale boeren verbouwden, dus buiten de plantages om. De mooie donkere sumatra koffie bonen.
Mijn Oma Theresia Schut werkte voor haar huwelijk op het kantoor van de Nederlandse Handels Maatschappij in Den Haag. Tieng was tijdens zijn dienstplicht in Nederland bevriend geraakt met haar broer en voor hij weer terugging, verloofden ze. Een paar jaar later trouwden ze 'met de handschoen'. Dat wil zeggen hij in IndiŽ, zij in Den Haag. Als jonge bruid reisde ze vervolgens in 1919 naar IndiŽ. Dat deed haar zusje overigens ook

Dit is donkere Sumatra koffie Dit is donkere Sumatra koffie
Uit de verhalen is duidelijk dat mijn oma Theresia geweldig genoten heeft van het leven in IndiŽ, met haar man en kinderen bezochten ze allerlei plaatsen op Sumatra, Java, Celebes en elders.
Haar man 'Tieng' werkte in verschillende standplaatsen, tot hij plots eind 1939 overleed. Mijn moeder en oma reisde het vroege voorjaar 1940 naar Nederland terug waar de oorlog uitbrak. Dat ze hier beter af waren dan de in IndiŽ achtergebleven familieleden realiseerden ze zich pas veel later.
Ze koesterden in elk geval de uitgebreide Indische bagage. Niet alleen in de vorm van mooie spullen en een voorliefde voor rijstgerechten, maar belangrijker, met ook een door cultuurverschillen verrijkte kijk op het 'Hollandse' leven. Thuis klonk het langgerekte "zo'n totok" mooi relativerend bij veel Nederlands parochialisme.
terug naar Maartenterug naar familie